De beste geboortezorg

Een van de zaken die mij de afgelopen tijd het meest heeft verbaasd, is de rechtszaak van Bureau Clara Wichmann tegen de NZa, om de experimenten van integrale geboortezorg te verbieden. Als zorgverleners samen staan voor de beste zorg voor moeder en kind, is bij integrale geboortezorg het uitgangspunt.

De keuzevrijheid van de zwangere komt daarmee in het geding, noem Bureau Clara Wichmann als motivatie.

Ik vraag me af wat belangrijker is: de beste zorg voor een zwangere of haar keuzevrijheid voor een zorgverlener? Het antwoord ligt voor de hand. Een groep zorgverleners die gezamenlijk overlegt wat de beste zorg is voor de a.s. moeder en haar ongeboren kind. Het veelgebruikte ‘juiste zorg op de juiste plek door de juiste zorgverlener’.

Met het toenemend personeelstekort is keuzevrijheid in de zorg sowieso al minder vanzelfsprekend. Ga je voor een afspraak over driekwart jaar bij de oogarts van jouw keuze of bezoek je de enige oogarts waar je binnen twee weken terecht kan? En de kwetsbare oudere moet maar afwachten wie deze dag de medicijnen komt toedienen.

Mijn dochter is onlangs bevallen. En zonder overdrijven (of misschien een beetje): van de mooiste baby ter wereld. Wegens problemen was snel ingrijpen noodzaak. Dus niet de verloskundige begeleidde uiteindelijk de bevalling, maar een gynaecoloog. Daarin had ze geen keuze. Zoals ze ook geen keuze had voor het ziekenhuis: er was in de wijde omgeving slechts één verloskamer vrij.

De kraamverzorgster moet ze delen met een andere kraamvrouw, vanwege schreeuwend personeelstekort. Als nieuwbakken moeder krijgt ze slechts 4 uur kraamhulp per dag. Gelukkig is deze kraamhulp een doortastende dame. Heel fijn, want ook daarin is geen keuze.

Bureau Clara Wichmann: met zo’n naam zal je toch denken dat ze het beste voorhebben met vrouwen? Daarom snap ik hun gang naar de rechter niet. Ze hebben gelukkig ook geen gelijk gekregen. En de uitspraak is definitief.

 

Eenzaamheid bij ouderen

Mijn 90-jarige moeder is ontzettend kwiek en je geeft haar die hoge leeftijd beslist niet. Ze rijdt auto, fietst makkelijk 40 kilometer, gymt, klaverjast wekelijks en is volledig ‘zelfredzaam’, zoals dat tegenwoordig heet. Ze woont in een dorp waar mensen niet alleen elkaar kennen, maar ook naar elkaar omkijken en ze doet mee aan alle activiteiten die er worden georganiseerd: gezamenlijke etentjes, bingo, dagjes uit. Ze heeft een uitstekend contact met alle bewoners van het appartementengebouw en ze gaat op vakantie met de buurvrouw. Mijn broer en ik komen vaak op bezoek en de twee zonen met hun vrouwen van mijn stiefvader ook. Zo wil iedereen wel oud worden, niet waar?

En toch, en toch…… Toch voelt ze zich eenzaam. Nee, niet eenzaam aan contacten, haar eenzaamheid zit van binnen, zegt ze. Haar zeven broers en zussen zijn allen overleden, evenals de zwagers en schoonzusjes. Elk jaar gingen de zussen en schoonzussen een paar keer een weekje met elkaar in een huisje. Wandelen, fietsen, bijpraten en altijd dolle pret.
Ook van het gezin van mijn vader is zij de enig overgeblevene. Dit was eveneens zo’n hecht, warm gezin, met veel gezellige visites bij elkaar, logeerpartijen en met-elkaar-meeleven. Voorbij, voorgoed voorbij.

En vorig jaar is haar tweede man overleden, met wie ze, 3 jaar na het overlijden van mijn vader, is getrouwd en nog 28 gelukkige jaren heeft gehad. Nu is er niemand meer aan wie ze haar verhaal kwijt kan, na een dagje uit. Aan wie ze kan vertellen dat ze gewonnen heeft met klaverjassen, of niet, voor wie ze kookt, met wie ze de 1001 gewone dingetjes deelt waar je niet bij stilstaat, maar zo mist als het er niet meer is.

Niemand voor wie je nog de belangrijkste bent. Natuurlijk: ze is heel belangrijk voor haar kinderen en stiefkinderen: maar wij hebben elk ons eigen leven, met alle bijbehorende hectiek. En mijn moeder? Zij heeft de ontelbare herinneringen aan de vele dierbaren die er niet meer zijn en met wie ze niets meer kan delen. Dat heet eenzaamheid.

 

Overstapseizoen geopend

Het overstapseizoen is gestart. Klinkt als jachtseizoen. Met de verzekerden in het vizier. Soms als opgejaagd wild. Want zij moeten vooral overstappen. Naar “mijn” club, vindt elke zorgverzekeraar. En ze proberen de mensen over te halen met goed doordachte reclames, die betrouwbaar moeten overkomen en mogelijke overstappers moeten overhalen.

Nee, vindt VWS, niks ‘overhalen’: mensen moeten zelf een goede afweging maken. “Stemmen met de voeten”, want dat is de basis van ons zorgstelsel. Jawel. Dus iedereen moet bewust bedenken of hij/zij wil overstappen. En kennelijk kunnen we dat niet, in de opinie van VWS. Dus de overheid gaat ons allen voorlichten. Met websites, reclames, animaties en social media. Zodanig dat laaggeletterden het ook snappen. En omdat de burgers het dan misschien nog niet begrijpen, gaat er nog een voorlichtingsteam het land in.

En er zijn nog meer partijen die zich ermee bemoeien. Sites als de Zorvergelijker en de zorgverzekeringswijzer. En consumenten- en patiëntenorganisaties die zich inzetten om mensen vooral goed voor te lichten.

Jawel: het overstapseizoen voelt echt als het jachtseizoen. Want wat als je in een collectieve verzekering zit via je werkgever? Of wat als tevreden bent over je huidige zorgverzekering? Je voelt je bijna als “dom” bestempeld als je niet van plan bent je verder te oriënteren. Want het wild moet natuurlijk wel bewegen, anders is de lol er af.

Palliatieve sedatie

Het klink zo vredig: “Hij gaat maandag slapen en wordt dan niet meer wakker”. Het telefoontje van mijn moeder kwam niet onverwacht. Mijn lieve (stief)vader was op: hij kon niet meer zitten, niet meer liggen, niet meer lopen. De kanker had zijn lijf te pakken en al wat overbleef, was pijn en ongemak.

Het weekend stond in het teken van het naderende afscheid. Van zijn kinderen, kleinkinderen, vrienden, broer. Er werd gelachen en gehuild. Het laatste afscheid was het moeilijkste, van zijn innig geliefde vrouw, mijn moeder, die hij zo intens liefhad. Hij kon het aan, omdat hij ervan overtuigd was dat hij haar in het hiernamaals weer zou zien. En daar ging hij heen, nu hij ging slapen.

Euthanasie was geen optie. Palliatieve sedatie wel. Slapen en niet meer wakker worden, het klinkt vredig. Maar… dat was het niet. Want  op de tweede avond werd hij wakker en riep om zijn vrouw. Een traumatische gebeurtenis voor mijn moeder, vooral ook omdat de verzorgende (slaapwacht) niet zelf het slaapmiddel wilde verhogen. Mijn moeder moest dat knopje maar indrukken, zij mocht dat niet. Maar mijn moeder trilde te erg en kreeg het niet voor elkaar. Een specialistisch verpleegkundige kwam uiteindelijk en zij gaf aan het heel vervelend te vinden. “Dit komt zelden voor”.

Dat kan zijn, maar de volgende avond gebeurde het nogmaals. Nu had hij zelfs zijn benen al over de rand van het bed gegooid. Dit keer was er wel een verzorgende die onmiddellijk het slaapmiddel verhoogde. Maar opnieuw schokkend voor mijn moeder, die toch al op de toppen van haar zenuwen leefde.

Uiteindelijk is onze vader zaterdagavond overleden, na nog een uur strijd en benauwdheid. “Hij heeft daar niets van gemerkt”, aldus de verpleegkundige. We mogen het hopen.

Een week in slaap worden gehouden zonder eten, zonder drinken, dan ga je inderdaad dood. Is palliatieve sedatie dan in feite geen uitgestelde euthanasie? Ik weet nu in ieder geval heel zeker waar ik de voorkeur aan geef.

Nieuwe generatie medici

Deze week kwam ik  het boekje Coach, Cure & Care 2025 tegen. Dat bleek al in 2013 geschreven door een nieuwe generatie zorgprofessionals. Specialisten, huisartsen, sportartsen, sociaal geneeskundigen en apothekers in opleiding kijken naar het zorglandschap 2025.

Samenwerking
De visie is zeer actueel. De absolute voorwaarde van de auteurs zal niemand meer betwisten, namelijk: samenwerking tussen alle groepen: politici, bestuurders, zorgprofessionals en zorgverzekeraars. Die intentie tot samenwerking is waarschijnlijk het grootste verschil tussen de nieuwe generatie zorgprofessionals en, zeg maar, de oudere generatie.

Eigen verantwoordelijkheid
Met als tweede grote verschil, de focus op de eigen verantwoordelijkheid van de patiënt.  “De arts meer als coach”, stellen de auteurs. Ze koppelen preventie aan die eigen verantwoordelijkheid: “Je mag van burgers verwachten dat zij er alles aan doen om zo min mogelijk zorg te consumeren.” Mmmm, dat is in mijn optiek te optimistisch, want de verleidingen van ongezond eten en weinig bewegen, zijn ook de komende tien jaar sterk.

De jonge medici gaan er vanuit dat in 2025 de zorg plaatsvindt in samenhang.  Met de huisarts als poortwachter, die maximale ondersteuning krijgt van praktijkondersteuners, nurse practitioners en physisian assistents, inclusief taakherschikking. Laagcomplexe specialistische zorg gebeurt zo dicht mogelijk bij de patiënt, onder andere in buitenpoli’s. Hoogcomplexe zorg vindt plaats in klinieken en ziekenhuizen.

Flinke zet
Open deuren? Niet helemaal. Het zijn deuren, die inderdaad reeds op een kier staan, maar soms fors klemmen. Ze gaan pas echt wijd open als de nieuwe generatie artsen daar een flinke zet tegen geven. De uitgave Coach, Cure & Care 2025 toont aan dat ze zich daarvoor inzetten.

Dilemma

Hij is 87 en een van de liefste mannen die ik ken. De man waarmee mijn moeder nu 26 jaar is getrouwd. Mijn tweede vader. Onlangs ontdekte men darmkanker bij hem. Een snelgroeiende tumor die moet worden weggehaald, anders vreet deze door de darmwand heen en krijgt hij bijzonder veel pijn.

Maar…. hij is kwetsbaar, de operatie is zeer ingrijpend en riskant. Met daarna blijvend een stoma. “Ik wil niet meer worden gereanimeerd”, geeft hij aan. Overtuigd, hij heeft zijn leven geleefd en aan het einde wacht zijn Schepper. Natuurlijk blijft hij het allerliefste bij zijn geliefde, mijn moeder, maar zo niet, dan is het goed. Geen reanimatie. Het ziekenhuis noteert dat in het patiëntendossier.

Er volgt een gesprek over de operatie. “Ik zie dat u niet wilt worden gereanimeerd”, zegt de arts. “Weet wel: op de OK houden wij ons daar niet aan. Wij doen er alles aan om de patiënt de operatie te laten overleven. Ook reanimatie. Op de OK zijn wij de baas.”

Hoezo: de patiënt staat centraal? Meer regie bij de patient? Patientempowerment? De artsen op de OK beslissen:  indien nodig vindt reanimatie plaats. Hij zal en moet levend de operatiekamer uitgaan. En daarna? Dat is niet hun probleem.

Regie tot het einde

euthanasia_imageOver een half jaar vieren we dat Nederland 70 jaar bevrijd is. Dus de babyboomers raken op leeftijd. De generatie die zich verzette tegen het juk van het gezag, tot ontzetting van hun ouders. Zij zijn de grondleggers van de jeugdcultuur met afwijkende muziek, kleding en haardracht. De generatie die luidruchtig voor zichzelf opkwam en niets als vanzelfsprekend aannam. We kennen de beelden: de Damslapers, de protesten tegen de Vietnamoorlog, Aktie tomaat, de flowerpower-bijeenkomsten, noem maar op. Dit zijn niet de mensen die dociel toestaan dat de arts bepaalt wanneer er sprake is van ‘ondragelijk lijden’. Ze zijn altijd de discussie aangegaan, opgekomen voor zeggenschap en zullen dat zeker aan het eind van hun leven doen.

Soms is de wet onlogisch

Pregnant woman.De techniek gaat steeds verder en daar profiteren we van. Neem de NIP-test. Dat is een prenataal onderzoek naar Down en volkomen veilig. In tegenstelling tot de vlokkentest en de vruchtwaterpunctie, die het risico op een miskraam met zich meebrengen. Een lastige keuze voor de zwangere: wil ik perse weten of mijn kindje eventueel Down heeft en daarmee het risico op een miskraam lopen?

Die moeilijke keuze hoeft ze niet meer te maken. De NIP-test is veilig en ook nog eens betrouwbaar. Heerlijk toch? Nou ja, er is een klein probleempje. Namelijk: het is verboden in Nederland. Verboden? Jawel: in strijd met de wet. Dus gynaecologen en verloskundigen die de NIP-test aanbieden zijn in overtreding. Let wel: de riskante vruchtwaterpunctie en vlokkentest mag wel.

Er zijn gynaecologen, verloskundigen en zwangeren die dit verbod aan hun laars lappen. Ze laten toch de NIP-test doen, in België. Want daar mag het namelijk wel. Nederlandse vrouwen moeten het zelf betalen: € 600,-. Maar als kunt kiezen tussen een betrouwbare, veilige test van € 600,- of een (weliswaar klein) risico op een miskraam: dat is die keuze eenvoudig gemaakt. Ik zou het tenminste wel weten. Al of niet in strijd met de wet.